NRC, 900 euro per maand (bruto). Debat over kunstsubsidie het inkomen van de kunstenaar.
“In 2002 schreef Abbing het boek Why are Artists Poor?, over de complexe relatie tussen kunst en geld. „Overal om mij heen zag ik kunstenaars die het niet bepaald breed hadden”, vertelt hij. „Het gemiddelde inkomen van de Nederlandse kunstenaar is al lange tijd heel laag.
Ruim tachtig procent kan niet rondkomen. Dat betekent dat minder dan twintig procent genoeg verdient om gewoon te kunnen leven. Je kunt dus stellen dat dit bijna de situatie is van de amateur. Maar toch hebben we het hier over professionele kunstenaars.”
Abbing is voor het afschaffen van individuele subsidies en verwoordde die mening ook in een essay in Second Opinion. „Het subsidiestelsel kan een aanzuigende werking hebben”, zegt hij. „En er zijn in Nederland al zoveel kunstenaars.
Je geeft door al die subsidies een gekleurd beeld aan kunststudenten: dat het in de beeldende kunst heel erg vetpot is. Wat ik verkeerd vind aan het Nederlandse systeem is dat het uitgaat van een beloning achteraf. Een beurs is een soort ereprijs voor de dingen die je gedaan hebt.
Je stuurt wat dia’s op en op basis daarvan word je beoordeeld. Je dient wel iets van verantwoording af te leggen voor wat je met het geld gedaan hebt, maar dat is meer voor de vorm. Het is volgens mij nog nooit gebeurd dat het Fonds zei: betaal het maar terug.””




